FOD Economie verscherpt controles op webwinkels: een overzicht van de aandachtspunten (1/3)

Via FeWeb kondigde de FOD Economie verscherpte controles aan op Belgische webwinkels:

Aankondiging van verscherpte controles op webwinkels

Vanaf januari 2011 zullen op grote schaal Belgische webwinkels worden onderzocht. De bedoeling hiervan is te controleren of deze webwinkels voldoen aan de regelgeving op het gebied van marktpraktijken en de diensten van de informatiemaatschappij.

Meer concreet:

  • informatieverplichting betreffende prijzen en het bestaan van herroepingsrecht
  • informatieverplichting betreffende de identiteit en de contactgegevens van de onderneming
  • verbod op het vooraf aanvinken van betalende optie

Met de aankondiging van deze controles leek het me niet oninteressant om kort deze controlepunten toe te lichten. In een eerste bijdrage worden de algemene toe te passen regels inzake prijsaanduiding besproken. In een tweede bijdrage, die ik begin volgende week plan, zal ik kort de aandachtspunten bij verkoop op afstand in herinnering brengen (‘herroepingsrecht’) en in een derde deel de overige elementen uit de aankondiging van de FOD Economie (informatieverplichtingen & default options).

Gezien de omschrijving zullen deze controles hoofdzakelijk betrekking hebben op B2C webwinkels, waarop de bepalingen inzake consumentenbescherming uit de Wet van 6/04/2010 betreffende marktpraktijken en consumentenbescherming van toepassing zijn (hierna WMPC). Ook deze toelichting wordt uitgegaan van een B2C webwinkel.

Indien u een pure B2B webwinkel voert, dan zijn het eerste en derde puntje zonder voorwerp, wegens enkel van toepassing op consumenten. Puntje 2, dat voortvloeit uit de tekst van de Wet van 11 maart 2003 betreffende bepaalde juridische aspecten van de diensten van de informatiemaatschappij (hierna WDI), is wel van belang. Let wel: opdat u niet onder de bepalingen van de WMPC inzake consumentenbescherming zou vallen, dient u de afwikkeling van een online verkoop zo op te stellen dat het onmogelijk is dat consumenten op uw webwinkel kopen (expliciete waarschuwing en aanvaarding, verplicht KBO-nummer, eventuele voorafgaande controle van beroepsmatige hoedanigheid, enz.). Want als u op uw B2B webshop – al dan niet bewust – aankopen door consumenten toelaat, is de WMPC integraal van toepassing op deze verkopen aan consumenten.

Informatieverplichting betreffende prijzen

Ook op uw webshop dient u de algemene bepalingen inzake prijsaanduiding onder de WMPC naleven. Maar sinds het in voege treden van de WMPC zijn er eveneens nieuwe regels inzake prijsverminderingen en solden. Vooral de wijziging in de bepalingen omtrent solden zijn interessant voor online verkoop.

Algemene regels inzake prijsaanduiding

In het algemeen bepaalt de WHPC dat elke onderneming die aan de consument goederen te koop aanbiedt – ongeacht of zij dit online of offline doet – de prijs hiervan schriftelijk en ondubbelzinnig aanduiden (art. 5 WMPC). Indien de goederen te koop uitgestald zijn, wat d’office zo is bij een webshop, moet de prijs bovendien leesbaar en goed zichtbaar aangeduid zijn.

Bovendien moet de aangeduide prijs de door de consument totaal te betalen prijs zijn, waaronder is begrepen: de belasting over de toegevoegde waarde, alle overige taksen en de kosten van alle diensten die door de consument verplicht moeten worden bijbetaald (art. 6 WMPC). De prijzen moeten in euro worden vermeld (art. 7 WMPC).

Ook bij reclame waarbij prijzen worden gehanteerd, moeten de artt. 5 t.e.m. 7 WMPC worden nageleefd (art. 8 WMPC).

Wel kan de verkoop van bepaalde goederen en/of diensten bij Koninklijk Besluit om diverse redenen vrijgesteld van deze regelgeving inzake prijsaanduiding. Zo werden in het verleden reeds KB’s gepubliceerd waarbij specifieke en afwijkende regels werden opgelegd voor de prijsaanduiding van juwelen, uurwerken, goud- en zilverwerk, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten, bepaalde financiële diensten en reizen.

Een probleem bij webwinkels kan rijzen inzake de toepassing van art. 6 WMPC ingeval van (variabele) verzendingskosten: volgens art. 6 WMPC moet de prijs immers de totale te betalen prijs zijn inclusief alle kosten. Eenieder weet evenwel wat verzendingskosten door de band variabel zijn afhankelijk van het aantal verkochte goederen: hoe meer er wordt gekocht hoe hoger – of bij commercieel ingestelde webshops hoe lager – de verzendingskosten. Bijgevolg kan deze kost onmogelijk in de ‘uitgestalde’ prijs worden opgenomen. Evenwel aanvaardt de rechtspraak en rechtsleer dat enkel de vaste, niet door de consument beïnvloedbare kosten moeten worden opgenomen in de aangeduide prijs. Indien de webshop daarenboven de nodige transparantie hanteert inzake verzendingskosten (expliciete vermelding ‘exclusief verzendingskosten’, makkelijke consultatie van berekening van de verzendingskosten op de website, enz.), lijkt het mij weinig waarschijnlijk dat de economische inspectie daarover zou vallen.

Prijspromoties en -verminderingen

Vóór de inwerkingtreding van de WMPC waren promoties inzake prijzen slechts toegelaten indien men daarbij prijzen hanteerde die in het verleden reeds eerder werden toegepast, naar bij wet gereglementeerde kleinhandelsprijzen of naar prijzen van concurrenten. Deze verplichting vervalt onder de nieuwe wet. Onder de WMPC geldt met betrekking tot promoties inzake prijzen het algemeen principe dat de aankondiging niet misleidend mag zijn. Wel blijven er specifieke regels gelden voor prijsverminderingen, uitverkopen en solden. Zo mag onder de WMPC een prijsvermindering voortaan op gelijk welke manier worden meegedeeld, zolang deze mededeling niet misleidend is en voldaan is aan art. 20 WMPC m.b.t. de referentieprijs waarmee de prijsvermindering vergeleken wordt.

De verplichting om een prijsvermindering op een welomschreven wijze te doen, zoals onder de oude WHPC het geval was, komt dus te vervallen. Evenmin dient onder de gelding van de nieuwe wet de verkoper gedurende de maand voorafgaand aan de aankondiging van een prijsvermindering onafgebroken eenzelfde hogere prijs aan te houden.  Indien in de voorbije maand verschillende prijzen werden toegepast, vormt dit onder de WMPC niet langer een belemmering om tot een aankondiging van prijsvermindering over te gaan. Wel mag de prijsvermindering slechts worden aangekondigd voor een periode van ten hoogste één maand (art. 21 WMPC).

Ook hier kunnen er bij KB uitzonderingen worden toegestaan.

Solden en sperperiode

Sinds de WMPC is het niet langer verplicht om de soldenverkoop te laten plaatsvinden in de lokalen waar de producten voorheen te koop werden aangeboden. Dit maakt het dus mogelijk om solden voor producten die vóór de solden in een ‘offline’ winkel uitgestald stonden, ook via internet te organiseren.

Bovendien worden de solden niet langer gekoppeld aan de voorwaarden van “versnelde afzet” of “seizoensopruiming”. Kortom, soldenverkoop is thans mogelijk voor alle goederen. Onder de oude wet was het niet mogelijk om goederen in de solden aan te bieden indien deze goederen niet in de maand voorafgaand aan de soldenperiode te koop werden aangeboden. Dit verbod wordt afgeschaft maar de gesoldeerde producten moeten wel in het verleden minstens dertig dagen te koop zijn aangeboden. Ook het verbod van de opeenvolgende aankondigingen van prijsverminderingen tijdens de soldenperiode komt te vervallen. De sperperiode blijft behouden maar wordt wel gevoelig ingekort, en beperkt tot kleding, schoenen en lederwaren. Wel kan het toepassingsgebied van de sperperiode bij koninklijk besluit worden uitgebreid. Enkel voor deze producten is het dus verboden om een prijsvermindering aan te kondigen van 6 december tot en met 2 januari, en van 6 juni tot eind juni.

[vervolg: zie deel 2/3, volgende week]

Over Tom Devolder
Tom behaalde in 2004 aan de Universiteit Gent zijn diploma Rechten, optie sociaal en economisch recht (grote onderscheiding). Bij het afstuderen won hij eveneens de Prijs Hof van Beroep voor beste eindverhandeling. In 2007-2008 volgde Tom de opleiding Postgraduaat Controlling & Accounting aan de Brugge Business School (www.bruggebusinessschool.be; een samenwerking tussen het VPOO en de KHBO). Van juli 2004 tot en met oktober 2009 was Tom als medewerker verbonden aan het advocatenkantoor Declerck Leterme en Partners te Harelbeke. Na een kortstondige periode zijn beroep als eenmanskantoor te hebben uitgeoefend stond hij begin 2010 mee aan de wieg van Bright advocaten. Tom legt zich voornamelijk toe op verbintenisrechtelijke en vennootschapsrechtelijke materies. Ook het financieel en economisch recht, alsook het informaticarecht zijn rechtstakken waarmee hij ervaring heeft. Tom begeleidt ondernemingen niet enkel bij (buiten)gerechtelijke procedures, maar legt zich evenzeer toe op proactieve begeleiding en adviesverlening. Tom is tevens medeauteur van het verzamelwerk Recht en Internet.

One Response to FOD Economie verscherpt controles op webwinkels: een overzicht van de aandachtspunten (1/3)

  1. Pingback: FOD Economie verscherpt controles op webwinkels: een overzicht van de aandachtspunten (3/3) « Bright Insights

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: