FOD Economie verscherpt controles op webwinkels: een overzicht van de aandachtspunten (2/3)

In mijn blogpost van vrijdag (FOD Economie verscherpt controles op webwinkels: een overzicht van de aandachtspunten (1/3)) gaf ik naar aanleiding van de aangekondigde verscherpte controles op Belgische webwinkels door de FOD Economie reeds een overzicht van de algemene regels die in de WMPC terug te vinden zijn inzake prijsaanduiding .

In dit tweede deel wordt dieper ingegaan op een tweede aspect van de aangekondigde controles:

  • informatieverplichting betreffende (…) het bestaan van herroepingsrecht

Voorafgaandelijk opnieuw dezelfde nuance die ik in het eerste deel heb gemaakt: in deze toelichting wordt er uitgegaan  van een B2C webwinkels. Het verschil tussen een B2C en een B2B webwinkels is voor de toepassing van het ‘herroepingsrecht’ bijzonder belangrijk: de regelgeving terzake is immer uitsluitend van toepassing op consumenten (“iedere natuurlijke persoon die, uitsluitend voor niet-beroepsmatige doeleinden, op de markt gebrachte producten verwerft of gebruikt”).

Verkoop op afstand

Met een verscherpte controle op “het bestaan van een herroepingsrecht” zal de Economische Inspectie concreet nagaan of de gecontroleerde B2C webwinkel de zogenaamde regels inzake ‘Overeenkomsten op afstand’ naleefd, zoals geregeld in art. 45 e.v. WMPC. Deze afdeling van de WMPC legt voor dergelijke overeenkomsten strenge informatieverplichtingen op aan de verkoper, alsook roept het een herroepingsrecht ten voordele van de consument in het leven.

De WMPC voorziet zowel in algemene regels voor overeenkomsten op afstand, alsook in regels specifiek voor overeenkomsten op afstand voor financiële diensten. Deze bijdrage handelt enkel over de algemene regels die van toepassing zijn op de verkoop van niet-financiële producten en diensten.

Een overeenkomst op afstand is elke overeenkomst tussen 1) een onderneming en een consument inzake 2) goederen of diensten die wordt gesloten in het kader van een door de onderneming 3) georganiseerd systeem voor verkoop van goederen of diensten 4) op afstand waarbij, voor deze overeenkomst, 5) uitsluitend gebruik gemaakt wordt van een of meer technieken voor communicatie op afstand tot en met de sluiting van de overeenkomst zelf (art. 2, 21° WMPC).

Overeenkomsten gesloten met consumenten via een webwinkel vallen onder deze definitie. Toch volgende korte toelichting bij puntje 5) van de definitie: dit deel van de definitie beperkt enerzijds de regelgeving rond de overeenkomsten op afstand tot overeenkomsten die, tot en met de sluiting van de overeenkomst, volledig op afstand werd engesloten. Het opvragen van informatie en een offerte via internet, maar dan uiteindelijk in de winkel of toonzaal van de verkoper de bestelling plaatsen (na bijv. het goed in kwestie te hebben gezien), is dus geen verkoop op afstand. Anderzijds maakt deze laatste zinsnede van het artikel ook duidelijk dat de manier waarop de verdere ‘afhandeling’ van de overeenkomst gebeurt (offline of online) irrelevant is: het feit dat het gekochte goed bij de verkoper moet worden afgehaald, of dat de aangekochte dienst in de lokalen van de verkoper wordt geleverd, is dus zonder invloed.

De regelgeving omtrent overeenkomsten op afstand valt samen te vatten in vier aandachtspunten waarmee de verkoper rekening zal moeten houden:

  1. informatieverplichtingen vóór de verkoop;
  2. informatieverplichtingen ná de verkoop;
  3. verzakingsrecht;
  4. levering.

Informatieverplichtingen vóór de verkoop

Bij het aanbod van een overeenkomst op afstand – met andere woorden dus vóór het sluiten van de verkoop op afstand – moet de consument ondubbelzinnig, op heldere en begrijpelijke wijze ingelicht worden – volgens de WMPC door elk middel dat aangepast is aan de gebruikte techniek voor communicatie op afstand, denk maar aan een mededeling op de website of per e-mail – over de volgende elementen (art. 45 WMPC, eigen onderlijning):

  1. de identiteit van de onderneming en haar geografische adres;
  2. de belangrijkste kenmerken van het goed of de dienst;
  3. de prijs van het goed of de dienst;
  4. in voorkomend geval, de leveringskosten;
  5. de wijze van betaling, levering of uitvoering van de overeenkomst;
  6. het al dan niet bestaan van een herroepingsrecht;
  7. de wijze van terugneming en teruggave van het goed, met inbegrip van de eventueel daaraan verbonden kosten;
  8. de kosten voor het gebruik van de techniek voor communicatie op afstand, wanneer die op een andere grondslag dan het basistarief worden berekend;
  9. de geldigheidsduur van het aanbod of van de prijs;
  10. waar passend, de minimumduur van de overeenkomst in geval van overeenkomsten voor duurzame of periodieke dienstverlening of levering van goederen.

Informatieverplichtingen ná de verkoop

Maar ook ná de verkoop op afstand heeft de verkoper een verplichting om de consument in te lichten. Deze informatie moet aan de consument worden meegedeeld hetzij schriftelijk, hetzij op een andere duurzame drager (e-mail, PDF, enz.).

De wet bepaalt expliciet welke informatie er aan de consument ná de verkoop op afstand ter beschikking moet worden gesteld (art. 46 WMPC, eigen onderlijning):

  1. bevestiging van de inlichtingen vermeld in art 45, 1°, 3° tot 6° en 10° WMPC (punten 1, 3 tot 6 en 10 hierboven), evenals de identificatie van het goed of van de dienst;
  2. in voorkomend geval, de voorwaarden en de wijze van uitoefening van het herroepingsrecht, evenals het volgende beding, in vetgedrukte letters en in een kader los van de tekst, op de eerste bladzijde:
    “De consument heeft het recht aan de onderneming mee te delen dat hij afziet van de aankoop, zonder betaling van een boete en zonder opgave van motief binnen… kalenderdagen vanaf de dag die volgt op de levering van het goed of op het sluiten van de dienstenovereenkomst.”
    Dit beding wordt aangevuld met het aantal kalenderdagen, dat niet lager mag zijn dan 14.
    Bij ontstentenis van dit laatste beding, in de voorwaarden bedoeld in § 2, wordt het goed of de dienst geacht te zijn geleverd aan de consument zonder voorafgaande vraag zijnerzijds en is deze laatste niet gehouden tot het betalen van het goed of de dienst, of tot het teruggeven ervan;
  3. bij ontstentenis van herroepingsrecht, in de veronderstellingen vermeld in artikel 47, § 4, het volgende beding, in vetgedrukte letters en in een kader los van de tekst, op de eerste bladzijde:
    “De consument beschikt niet over het recht om van de aankoop af te zien.”;
  4. het geografische adres van de vestiging van de onderneming waar de consument met zijn klachten terecht kan;
  5. de inlichtingen betreffende de bestaande diensten na verkoop en commerciële waarborgen;
  6. de voorwaarden voor opzegging van de overeenkomst, indien deze van onbepaalde duur is of een duur van meer dan één jaar heeft.

De belangrijkste informatieverplichting ná verkoop betreft het punt twee hierboven, dat de informatieverstrekking inzake het wettelijke herroepingsrecht beschrijft. Hierna wordt dieper ingegaan op dit herroepingsrecht (hoofdstuk ‘Herroepingsrecht’), maar nu reeds kan er op worden gewezen dat de formulering van de voorwaarden en wijzigingen van het herroepingsrecht sterk formalistisch is. De wet bepaalt immers expliciet de plaats (‘eerste bladzijde’), de vorm (‘vetgedrukte letters en in een kader los van de tekst’) en de tekst die de verkoper aan de consument moet meedelen. Een voorbeeld van dit verzakingsbeding, met een minimumherroepingstermijn van 14 kalenderdagen, ziet er als volgt uit:

De consument heeft het recht aan de onderneming mee te delen dat hij afziet van de aankoop, zonder betaling van een boete en zonder opgave van motief binnen 14 kalenderdagen vanaf de dag die volgt op de levering van het goed of op het sluiten van de dienstenovereenkomst.

 

De exacte naleving van deze verplichting is niet zonder belang, nu een schending van deze informatieverplichting ingrijpend wordt gesanctioneerd (zie hierna).

Het tijdstip waarop deze informatie ná verkoop moet gebeuren verschilt al naar gelang er goederen of diensten worden geleverd. Voor goederen moet deze informatie uiterlijk bij de levering aan de consument worden meegedeeld. Voor diensten moet deze informatie worden vóór de uitvoering van elke dienstenovereenkomst worden meegedeeld. Indien de uitvoering van de diensten met akkoord van de consument al begonnen is vóór het verstrijken van het herroepingstermijn (zie hierna), dan kan deze informatie tijdens de uitvoering van de diensten worden meegedeeld.

Herroepingsrecht

Herroepingsrecht en termijn

Zoals reeds kon worden afgeleid uit de informatieverplichtingen uit het vorige hoofdstuk, bezit de consument – en enkel de consument, vandaar het belang van het onderscheid tussen B2C en B2B webwinkels – een herroepingsrecht. Dit herroepingsrecht houdt in dat de consument, zonder opgave van reden of motief, en zonder betaling van enige ‘boete’, binnen een bepaalde termijn na aankoop kan afzien van zijn aankoop. De basistermijn voor dit herroepingsrecht bedraagt 14 kalenderdagen. Deze termijn kan worden verlengd op vrijwillige basis (wat bijna nooit gebeurt), op basis van een sectorieel akkoord (een zogenaamd ‘collectief consumentenakkoord’, dat in bepaalde sectoren zoals de telecom- en energiesector, bestaat) of op grond van de wet.

Voor de uitoefening van dit herroepingsrecht gaat de termijn in:

  • voor goederen, te rekenen van de dag na de levering aan de consument, wanneer aan de informatieverplichtingen ná verkoop is voldaan (zie vorig hoofdstuk);
  • voor diensten, te rekenen van de dag na het afsluiten van de overeenkomst of vanaf de dag waarop aan de informatieverplichtingen ná verkoop is voldaan (zie vorig hoofdstuk).

Voor de goederen die het voorwerp uitmaken van opeenvolgende leveringen (bijv. telecom- of energiecontracten) begint de herroepingstermijn te lopen de dag na de eerste levering.

Indien de consument zijn herroepingsrecht uitoefent mag er hem nooit een boete worden aangerekend, maar de verkoper mag aan de consument wel de rechtstreekse kosten voor het terugzenden van de goederen aanrekenen. Doch in de praktijk gebeurt de terugzending veelal door en op kosten van de consument, in welk geval deze bepaling zonder voorwerp wordt. Bovendien zijn de eventuele kosten voor terugzending niet ten laste van de consument indien het geleverde goed of de verstrekte dienst niet beantwoordt aan de beschrijving van het aanbod óf indien de onderneming haar informatieverplichtingen (vóór en ná verkoop) niet heeft vervuld.

Uitzondering op het herroepingsrecht

In een aantal wettelijk geregelde gevallen laat de WMPC toe dat er aan de consument wordt verkocht zonder herroepingsrecht. Hiermee heeft de wetgever rekening willen houden met de verkoop van goederen of diensten die ingevolge hun aard niet in aanmerking komen voor een herroepingsrecht. Art. 47, §4 WMPC laat toe dat volgende goederen en diensten op afstand worden verkocht zonder herroepingsrecht:

  1. diensten waarvan de uitvoering met instemming van de consument begonnen is vóór het einde van de in § 1 bedoelde herroepingstermijn (bijv. video on demand, overnachting hotel vóór einde herroepingstermijn, hostingdiensten die onmiddellijk geactiveerd worden, online afgesloten telecomcontracten (nieuw of abonnementswijziging) die onmiddellijk geactiveerd worden, enz.);
  2. goederen die volgens de specificaties van de consument zijn vervaardigd of die een duidelijk persoonlijk karakter hebben of die door hun aard niet kunnen worden teruggezonden of snel kunnen bederven of verouderen (bijv. afdrukken van eigen foto’s, naamkaartjes, via internet of telefoon bestelde voeding, enz.);
  3. audio- en video-opnamen en computerprogrammatuur waarvan de verzegeling door de consument is verbroken (geopende DVD’s, geopende doos van software, enz.);
  4. dagbladen, tijdschriften en magazines;
  5. diensten voor weddenschappen en loterijen;
  6. levensmiddelen of dranken of van andere goederen voor courant huishoudelijk gebruik door frequent en op gezette tijden langskomende bezorgers.

In deze gevallen is de verkoper wel verplicht om de consument hierop uitdrukkelijk te wijzen door opname, bij de informatiemededeling ná verkoop, van een herroepingsbeding met volgende afwijkende tekst:

De consument beschikt niet over het recht om van de aankoop af te zien.

 

Bij niet-vermelding van dit aangepaste verzakingsrecht, verliest de verkoper dit voordeel en beschikt de consument over een herroepingsrecht, dat ingevolge het ontbreken van de nodige vermelding bovendien verlengd wordt (zie hierna).

Uitoefening van het herroepingsrecht

De consument heeft zijn aankoop tijdig herroepen indien hij daarvan de verkoper op de hoogte brengt  hetzij schriftelijk hetzij op een voor de ontvanger beschikbare en toegankelijke duurzame drager – bijv. e-mail – vóór het verstrijken van de termijn. Niet de datum van ontvangst door de verkoper, maar de datum van verzending door de consument is bepalend.

In geval van uitoefening door de consument van zijn herroepingsrecht, is de verkoper gehouden tot terugbetaling van de door de consument gestorte bedragen, zonder kosten. Deze terugbetaling moet plaatsvinden ten laatste binnen de dertig dagen die volgen op de herroeping.

Sanctie bij overtreding

Het niet naleven van de regelgeving omtrent het herroepingsrecht wordt op twee wijzen gesanctioneerd. In het algemeen voorziet art. 47, §2 WMPC in een verlenging van de herroepingstermijn: indien ná de verkoop op afstand de consument niet werd ingelicht overeenkomstig art 46 WMPC (zie hierboven, ‘Informatieverplichtingen ná de verkoop’) is de herroepingstermijn drie maanden. Deze verlengde termijn gaat bovendien slechts in, voor de goederen, te rekenen van de dag van levering aan de consument, en voor de diensten, te rekenen van de dag waarop de overeenkomst werd afgesloten.

Indien de verkoper laattijdig nog alle inlichtingen overeenkomstig art 46 WMPC  aan de verkoper verstrekt (zie hierboven, ‘Informatieverplichtingen ná de verkoop’), begint de normale termijn – door de band 14 kalenderdagen – te lopen de dag na de ontvangst van de inlichtingen. De verlengde termijn kan dus met andere woorden worden geregulariseerd.

Art. 46, §2 WMPC voorziet daarenboven in een specifieke sanctie indien bij de informatieverschaffing ná de verkoop het herroepingsbeding niet of niet correct  werd meegedeeld. In dat geval wordt de verkoop ten aanzien van de consument als een ‘afgedwongen aankoop’ beschouwd  Er is sprake van een afgedwongen aankoop wanneer aan een consument (of professioneel, want de regelgeving van afgedwongen aankoop beschermt ook de niet-consument), zonder dat deze hierom eerst heeft verzocht, enig goed wordt toegezonden, met het verzoek dit tegen betaling van de prijs te verwerven, het te bewaren of het, zelfs kosteloos, aan de afzender terug te zenden (vergelijk art. 98 WMPC.). In dat geval is de geadresseerde nooit verplicht de verleende dienst of het toegezonden goed te betalen noch het terug te zenden.

Kortom: de consument die op afstand koopt mag, wanneer de verkoper geen of  slechts een gebrekkig herroepingsbeding heeft opgenomen in zijn communicatie, het goed houden zonder betaling en zonder verplichting om het terug te sturen… De lagere rechtbanken passen overigens de regels inzake herroepingsbedingen streng toe.

Bovendien is de economische inspectie gemachtigd om inbreuken op de WMPC – en dus ook regelgeving inzake overeenkomsten op afstand – op te sporen en administratief te beboeten. Het is niet ongebruikelijk dat er ter zake  administratieve boeten worden opgelegd die variëren van € 500,00 tot € 5.000,00 per inbreuk.

Ten slotte maakt een inbreuk op elk van deze verplichtingen een strafrechtelijk misdrijf uit, en kan gestraft worden met een geldboete van € 250 ,00 tot € 10.000,00 (art. 124, 8° WMPC). Indien de inbreuk te kwader trouw gebeurt, dan verhoogt art. 125 WMPC de geldboete tot maximaal € 20.000,00. Dit alles te vermeerderen met de wettelijke opdeciemen (= * 5,5).

Levering bij overeenkomsten op afstand

Tenzij partijen anders zijn overeengekomen, moet de onderneming de bestelling uitvoeren uiterlijk binnen dertig dagen te rekenen van de dag volgend op die waarop de consument zijn bestelling aan de onderneming heeft teruggezonden.

Indien de verkoper de overeenkomst niet tijdig uitvoert, heeft de consument het recht deze zonder gerechtelijke tussenkomst en met eenvoudige kennisgeving aan de onderneming te ontbinden, mits op dat ogenblik de onderneming het bestelde goed nog niet heeft verzonden of nog geen aanvang heeft gemaakt met de verstrekking van de bestelde dienst. Geen enkele vergoeding en geen onkosten kunnen van de consument worden geëist als gevolg van deze ontbinding. Indien de consument door de laattijdige of het gebrek aan levering schade lijdt, heeft hij eveneens een recht op schadevergoeding.

Daarenboven moet de consument binnen dertig dagen de bedragen terugbetaald krijgen die hij desgevallend als betaling heeft gestort.

Conclusie m.b.t. het herroepingsrecht

Mede gezien de burgerrechtelijke sanctie (afgedwongen aankoop), de bestuursrechtelijke sancties (administratieve geldboete) en de strafrechtelijke sancties waaraan de regelgeving inzake de overeenkomsten op afstand onderhevig zijn, is het aangeraden om deze regelgeving strikt – en volgens de letter van de wet – na te leven. Bij de aangekondigde controle van de FOD Economie zal een nazicht van de naleving van deze regels immers een belangrijk onderdeel vormen.

[deel 3/3 van deze bijdrage volgt later deze week]

Over Tom Devolder
Tom behaalde in 2004 aan de Universiteit Gent zijn diploma Rechten, optie sociaal en economisch recht (grote onderscheiding). Bij het afstuderen won hij eveneens de Prijs Hof van Beroep voor beste eindverhandeling. In 2007-2008 volgde Tom de opleiding Postgraduaat Controlling & Accounting aan de Brugge Business School (www.bruggebusinessschool.be; een samenwerking tussen het VPOO en de KHBO). Van juli 2004 tot en met oktober 2009 was Tom als medewerker verbonden aan het advocatenkantoor Declerck Leterme en Partners te Harelbeke. Na een kortstondige periode zijn beroep als eenmanskantoor te hebben uitgeoefend stond hij begin 2010 mee aan de wieg van Bright advocaten. Tom legt zich voornamelijk toe op verbintenisrechtelijke en vennootschapsrechtelijke materies. Ook het financieel en economisch recht, alsook het informaticarecht zijn rechtstakken waarmee hij ervaring heeft. Tom begeleidt ondernemingen niet enkel bij (buiten)gerechtelijke procedures, maar legt zich evenzeer toe op proactieve begeleiding en adviesverlening. Tom is tevens medeauteur van het verzamelwerk Recht en Internet.

One Response to FOD Economie verscherpt controles op webwinkels: een overzicht van de aandachtspunten (2/3)

  1. Pingback: FOD Economie verscherpt controles op webwinkels: een overzicht van de aandachtspunten (3/3) « Bright Insights

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: