Filtersysteem om illegaal downloaden te voorkomen is in strijd met het Europees recht

In april van dit jaar lichtte ik u in mijn blogbijdrage Privacy & Vrije Meningsuiting VS. Auteursrecht: 1-0 reeds de conclusie van de advocaat-generaal bij het Europees Hof van Justitie in de zaak Scarlet Extended NV / Belgische Vereniging van Auteurs, Componisten en Uitgevers CVBA (SABAM) toe. De kern van het debat in deze – onder ICT-advocaten inmiddels overbekende – zaak is de vraag of een nationale rechter aan een internetprovider een bevel mag opleggen om een filtersysteem in te voeren teneinde te monitoren of er op zijn netwerk illegale bestanden, in het bijzonder film-, muziek- of andere audiovisuele werken, zouden worden uitgewissel. In haar arrest van 24/11/2011 heeft het Hof van Justitie standpunt ingenomen. 

Deze zaak werd niet alleen met grote belangstelling gevolgd door alle Europese ISP’s, maar eveneens door eenieder die de principiële fundamenten van het internet zoals we het vandaag kennen hoog in het vaandel dragen: een preventieve monitoring (en blokkering) van internetcontent zou immers niet alleen leiden tot torenhoge kosten voor de ISP – audiovisuele werken monitoren op illegale inhoud vergt niet alleen hoge software- en hardwareinvesteringen, maar ook constante rekenkracht – maar zou bovenal met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid leiden tot een verregaande beknotting van een aantal fundamentele rechten die de grondvesten uitmaken van het internet: het correspondentiegeheim, het recht op privacy en het recht op vrijheid van meningsuiting.

Feiten

In 2004 startte Sabam, de Belgische vereniging van auteurs, componisten en uitgevers, een gerechtelijke produre tegen de Belgische ISP Scarlet. Enerzijds beoogde Sabam het bestaan te laten vaststellen van inbreuken op de auteursrechten van haar leden, als gevolg van de ongeoorloofde uitwisseling van elektronische muziekbestanden via de ISP-diensten van Scarlet met peer-to-peer software. Anderzijds verzocht Sabam aan de Voorzitter van de Rechtbank van Eerste Aanleg te Brussel dat Scarlet, onder verbeurte van een dwangsom, zou worden bevolen om deze inbreuken te staken door elke verzending of ontvangst van muziekbestanden, door haar klante, met peer-to-peer software en zonder machtiging van de rechthebbenden, onmogelijk te maken of te blokkeren.

In de praktijk zou dergelijke maatregel er op neerkomen dat Scarlet alle internetverkeer dat via haar diensten verloopt, zou moeten monitoren, rapporteren en desgevallend verbieden. Los van de hierna besproken juridische bezwaren, is dergelijke monitoring op zulke schaal bovendien in de praktijk technisch noch financieel haalbaar.

Desalniettemin werd Scarlet in 2007 veroordeeld om de vastgestelde inbreuken op het auteursrecht te staken binnen een termijn van zes maanden. Deze staking werd bovendien bevolen onder straffe van een dwangsom van € 2.500,00 voor elke dag dat Scarlet in gebreke blijft om elke verzending of ontvangst door haar klanten met peer-to-peer software van elektronische muziekbestanden uit het repertorium van Sabam, onmogelijk te maken.

Scarlet stelde tegen dit vonnis beroep in bij het Hof van Beroep te Brussel, dat thans moet beslissen of het deze verregaande maatregel bevestigt. In deze context heeft het Hof van Beroep te Brussel een prejudiciële vraag gesteld aan het Hof van Justitie van de Europese Unie te Luxemburg. In het bijzonder wenst het Hof van Beroep een antwoord op de vraag of de Europese rechtsregels, en inzonderheid de door Europa erkende grondrechten, een nationale rechter toestaan om, in de vorm van een bevel, een maatregel te nemen waarbij een ISP zou worden bevolen om een systeem voor het filteren en het blokkeren van elektronische communicatie te installeren en toe te passen.

De conclusie van 14/04/2011 van de advocaat-generaal Pedro Cruz Villalón bij het Europees Hof van Justitie in dit dossier was alleszins hoopgevend: het Europese recht zou er zich volgens de advocaat-generaal tegen verzetten dat de Belgische rechter een maatregel zou vaststellen waarbij een ISP wordt bevolen om ten aanzien van al zijn klanten een systeem in te stellen dat alle elektronische communicatie die via zijn netwerk passeert zou filteren, teneinde vast te stellen of er op zijn netwerk op illegale wijze film-, muziek- of audiovisuele werken worden uitgewisseld.

Uitspraak HvJ 24/11/2011

In zijn arrest van 24/11/2011 heeft het Hof van Justitie het standpunt van de advocaat-generaal gevolgd, en heeft het Hof geoordeeld dat het Unierecht eraan in de weg staat dat een nationale rechter een internetprovider zou bevelen om een dergelijk filtersysteem in te voeren.

Vooreerst nuanceert het Hof, voor de goede orde, duidelijk dat nationale rechterlijke instanties wel steeds de mogelijkheid hebben en behouden om inbreuken op auteursrechten een halt toe te roepen. Zij kunnen steeds maatregelen bevelen tegen hetzij de inbreukpleger, hetzij de ISP via wiens netwerk de illegale bestanden uitgewisseld worden. Als doorgeefluik is de ISP immers meestal het best geplaatst om de illegale bestandsuitwisseling op de meest efficiënte en kosteneffectieve te voorkomen. Het is daarbij aan de Lidstaten zelf om de modaliteiten van dergelijke bevelen vast te leggen. Als typevoorbeeld kan worden verwezen naar het recente blokkeringsbevel van het Hof van Beroep te Antwerpen tegen Telenet en Belgacom in de PirateBay-zaak; voor meer duiding daarover verwijs ik u graag naar mijn blogbijdrage Exit PirateBay. Enter Piratenbaai!.

Evenwel preciseert het Hof dat een dergelijk bevel steeds concreet en in hoofdorde remediërend moet zijn, zoals in de PirateBay-zaak. In de mate waarin een bevel van een nationale rechter inhoudt dat de ISP toezicht moet houden op haar klanten en het uitgewisselde verkeer dien te monitoren om eventuele toekomstige inbreuken te voorkomen, dan schendt dit bevel enerzijds (a.) het verbod op een algemene toezichtsverplichting uit de Richtlijn Elektronisch Handel (Richtlijn 2000/31/EG van het Europees Parlement en de Raad van 8 juni 2000 betreffende bepaalde juridische aspecten van de diensten van de informatiemaatschappij, met name de elektronische handel, in de interne markt, PB L 178, blz. 1) en anderzijds (b.) diverse Europese grondrechten zoals opgenomen in het Handvest (Handvest van de Grondrechten van de Europese Unie, afgekondigd te Nice op 7/12/2000, 2000/C, P.b. 364/01, 18/12/2000, zie, hierna: ‘Handvest’), in het bijzonder het recht op privacy en het recht op vrije meningsuiting.

Verbod op algemene toezichtsverplichting

De Richtlijn Elektronisch Handel bevat diverse bepalingen inzake de verplichtingen en aansprakelijkheden van ISP’s. In het bijzonder bepaalt art. 15 van de Richtlijn Elektronische Handel dat lidstaten aan ISP’s die louter toegang verlenen tot een communicatienetwerk, geen algemene verplichting mogen opleggen om toe te zien op de informatie die zij doorgeven of opslaan, of om actief te zoeken naar feiten of omstandigheden die op onwettige activiteiten duiden. Dit verbod werd overigens quasi letterlijk overgenomen in art. 21, §1 van de Wet van 11/03/2003 betreffende bepaalde juridische aspecten van de diensten van de informatiemaatschappij (B.S. 17/03/2003), die de omzetting van deze richtlijn betreft.

Door Scarlet een dergelijke algemene toezichtsverplichting op te leggen, schendt de beschikking van de Voorzitter van de Rechtbank van Eerste Aanleg te Brussel dit verbod. Alleen al om die reden is de beschikking in eerste aanleg in strijd met het Europese recht.

Inbreuk op diverse grondrechten

Daarnaast oordeelt het Hof dat ook het intellectueel eigendomsrecht weliswaar door het Handvest wordt beschermd, maar dat noch uit dit Handvest noch uit de rechtspraak van het Hof vloeit voort dat dit recht onaantastbaar is en een absolute bescherming zou genieten.

In het licht van deze beperking stelt het Hof vast dat het door de rechtbank te Brussel opgelegde bevel niet alleen leidt tot een ernstige beperking van de vrijheid van ondernemerschap van Scarlet, aangezien zij wordt verplicht om een permanent, duur en ingewikkeld informaticasysteem in te voeren waarbij zijzelf alle kosten moet dragen, maar bovenal is het risico dat een dergelijk filtersysteem ook een aantasting kan vormen van de grondrechten van haar klanten, in het bijzonder hun recht op bescherming van persoonsgegevens en van hun vrijheid om informatie te ontvangen of te verstrekken, zeer reëel.

Vooreerst vormt een IP-adres een beschermd persoonsgegevens. Aan de hand van een dergelijk adres is immers de precieze identificatie van de gebruikers mogelijk. Het opgelegde filtersysteem zou een systematische analyse van alle inhoud veronderstellen en dus de verzameling en identificatie in massale omvang van de IP-adressen van de gebruikers die illegale inhoud via het netwerk versturen.

Daarnaast is volgens het Hof geen garantie dat het op te zetten filtersysteem een voldoende onderscheid zou kunnen maken tussen legale en illegale inhoud, zodat de toepassing ervan zou kunnen leiden tot de blokkering van communicatie met legale inhoud (zoals gratis werken, of werken onder het recht van een bepaalde lidstaat wel legaal zijn).

Conclusie

Bijgevolg oordeelt het Hof dat een rechterlijk bevel waarbij aan een ISP een dergelijk filtersysteem wordt opgelegd, niet de vereiste respecteert van een juist evenwicht tussen enerzijds het intellectueel eigendomsrecht van de betrokken auteur en anderzijds de vrijheid van ondernemerschap van de ISP, en het recht op bescherming van persoonsgegevens en de vrijheid om informatie te ontvangen of te verstrekken van de internetgebruiker.

Het Hof oordeelt derhalve dat “het Unierecht eraan in de weg staan dat een internetprovider door de rechter wordt gelast een filtersysteem in te voeren

  • voor alle elektronische communicatie via zijn diensten, met name door het gebruik van „peer-to-peer”-programma’s;
  • dat zonder onderscheid op al zijn klanten wordt toegepast;
  • dat preventief werkt;
  • dat uitsluitend door hem wordt bekostigd, en
  • dat geen beperking in de tijd kent,

dat in staat is om op het netwerk van deze provider het verkeer van elektronische bestanden die een muzikaal, cinematografisch of audiovisueel werk bevatten waarop de verzoeker intellectuele-eigendomsrechten zou hebben, te identificeren, om de overbrenging van bestanden waarvan de uitwisseling het auteursrecht schendt, te blokkeren.”.

Let wel: deze uitspraak betreft uitsluitend de actieve en anticipatieve monitoring bij het opsporing van inbreuken op auteursrechten. Deze uitspraak doet dan ook geen enkele afbreuk aan een remediërend optreden waarbij een nationale rechter de staking beveelt van een vastgestelde inbreuk op IP-rechten, desgevallend d.m.v. een aan de ISP opgelegde maatregel (zoals een DNS- of IP-blokkering, zie bijv. mijn blogbijdrage Exit PirateBay. Enter Piratenbaai!). Enkel zal de nationale rechter daarbij moeten oordelen binnen de perken die het Hof van Justitie deze week heeft gesteld.

De integrale tekst van het arrest kan u raadplegen op deze pagina van de website van het Hof van Justitie.

Over Tom Devolder
Tom behaalde in 2004 aan de Universiteit Gent zijn diploma Rechten, optie sociaal en economisch recht (grote onderscheiding). Bij het afstuderen won hij eveneens de Prijs Hof van Beroep voor beste eindverhandeling. In 2007-2008 volgde Tom de opleiding Postgraduaat Controlling & Accounting aan de Brugge Business School (www.bruggebusinessschool.be; een samenwerking tussen het VPOO en de KHBO). Van juli 2004 tot en met oktober 2009 was Tom als medewerker verbonden aan het advocatenkantoor Declerck Leterme en Partners te Harelbeke. Na een kortstondige periode zijn beroep als eenmanskantoor te hebben uitgeoefend stond hij begin 2010 mee aan de wieg van Bright advocaten. Tom legt zich voornamelijk toe op verbintenisrechtelijke en vennootschapsrechtelijke materies. Ook het financieel en economisch recht, alsook het informaticarecht zijn rechtstakken waarmee hij ervaring heeft. Tom begeleidt ondernemingen niet enkel bij (buiten)gerechtelijke procedures, maar legt zich evenzeer toe op proactieve begeleiding en adviesverlening. Tom is tevens medeauteur van het verzamelwerk Recht en Internet.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: